DELEN MAAR Over delen en goeie mensen gesproken. "Dat is pas ene3 goeie mens". Ongewild roept zo’n uitspraak reakties op. Een fronsing met de wenkbrauwen of een twijfelend trekje rond de mond geven je te kennen om er maar niet zo zeker van te zijn. Aan ons is het om te zeggen, wie nog niet zo’n kwaaie is. Wie een goeie is, zal Onze Lieve Heer wel uitmaken. Wij kunnen dat hooguit van een ander zeggen, als je al eens met hem gedeeld hebt. Delen is een moeilijk karwei, zeker een erfenis. Delen komt alleen bij goeie mensen voor. We praten over delen, alsof dat gemakkelijk gaat, maar dat is een vergissing. Ontelbare keren klinkt het woordje delen op de ouderavonden en de communicantjes spelen het verhaal van Zacheus, die van een heb-mannet je een deel-mannet je wordt. Alle aandacht krijgt ook het jongetje van Johannes zes, die de vijf broden en de twee visjes grootmoedig afstond. Gelukkig wordt ook niet het Jezus-verhaal vergeten, die zich zelf prijsgaf in het breken en het delen van het brood. Wie sinds het Laatste Avondmaal met Hem gedeeld heeft, weet dat Hij zeker een goeie mens is. Zijn delen heeft een hoog goddelijk gehalte. Hij breekt en deelt zich zelf. Samen met de ouders van de communicantjes praten we over delen, maar als we eerlijk zijn, houden we ons gedekt en schuil in het gebladerte van eigen belang zoals Zacheus dat ook een een tijdje deed. Zo heel af en toe laten we ons uit de boom roepen en komen we door de vriendschap met Jezus tot delen. Om dan ook nog de helft van je bezit te delen is wel wat al te veel gevraagd. Dat breekt je op. Samen met de communicantjes praten we over delen. Snoep kun je delen. Het bankstel en de huiselijke warmte, waarin je woont. Ook de teevee met haar vele programma's. Een ander zijn favoriete uitzending gunnen kan je wel eens pijn doen en je laten voelen, dat het gedeelde leven niet alleen uit goede tijden bestaat. Gespannen zit Suzanne te luisteren naar al die wijze praat, dat delen bij je communie doen hoort en dat delen niet zo gemakkelijk is. Ze steekt haar vinger op en mag het zeggen. "Pastoor, met de communie krijg ik een televisie en die zetten we op mijn eigen kamer. Dan hoef ik lekker niet meer te delen, als ik mijn communie gedaan heb." Een schattig kind, dat me waar weer eens duidelijk maakt, dat delen echt moeilijk is. pi t Goedhart

Oirlo's dorpsblad 't Krèntje | 1997 | | pagina 3